Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst

Het nieuwe coalitieakkoord ademt ruimte. Van 35 miljard voor de energietransitie tot aan een nieuwe minister Volkshuisvesting en Ruimtelijke ordening. Veel onderwerpen waar jij als professional in het ruimtelijk domein direct mee te maken hebt, worden in de plannen van de nieuwe regering genoemd. Dat biedt natuurlijk volop kansen én uitdagingen. Moniek Bazen, senior professional bij Bender, geeft ons haar analyse op het coalitieakkoord.

Het is Mark Rutte voor de vierde keer gelukt! Maar hij deed er wel erg lang over deze keer. Een club van 29 nieuwe ministers en staatssecretarissen staan klaar om het regeerakkoord uit te voeren. We gaan “Omzien naar elkaar en vooruitkijken naar de toekomst”. Wie zou die titel bedacht hebben?

Het regeerakkoord bestaat uit pak ‘m beet 50 pagina’s met veel opsommingen van afspraken, aangevuld met beleidsuitspraken welke een beroep op onze nationale moraal doen: we werken aan een betrouwbare overheid, we zetten in op het voorkomen van dakloosheid, de aanpak van ondermijning wordt verstevigd, we spreken ons uit tegen mensenrechtenschendingen, etc. Maar wat is er nu deze keer anders dan bij Rutte I, II of III? Alles is gericht op het zoeken naar een mechanisme om in tijden van crisis adequaat op te kunnen treden. Want of het nou gaat om de coronacrisis of stikstofcrisis, dit is en blijft de komende tijd nog van grote invloed op ons werk (en ook op ons privéleven ben ik bang).

Versnelling woningbouw

Er zijn plannen voor het bouwen van 700.000 woningen. Het vorige kabinet legde hierbij  de focus op 14 grootschalige woningbouwgebieden waarvoor een financiële woningbouwimpuls op de onrendabele toppen en de benodigde grootschalige infrastructuur beschikbaar kwam. In de nieuwe plannen zit veel meer ruimte voor gespreide verstedelijking zowel binnen- als buitenstedelijk, is er meer aandacht voor bijbehorende publieke voorzieningen, en als we de open ruimte gaan bebouwen dan groeit het groen mee. Om deze ontwikkelingen mogelijk te maken, wordt de financiële regeling van de woningbouwimpuls en het mobiliteitsfonds (via het MIRT) voortgezet. Dat de regering het onderwerp belangrijk vindt is wel duidelijk geworden, want we krijgen (weer) een aparte minister van VRO, die overigens dan “gewoon” valt onder het ministerie van BZK waar dit onderwerp nu ook al belegd is.

Het betekent voor ons als professionals in het ruimtelijk domein een enorme hoeveelheid werk. Je ziet dat veel gemeenten woningbouwprogramma’s (gaan) maken om jaarlijks flinke productie te halen. Locaties die door gemeenten in de krappe tijden zijn afgeschreven worden afgestoft en opnieuw bekeken op haalbaarheid. Stikstofmaatregelen zorgen ervoor dat het wel of niet mogelijk blijkt of kan worden gemaakt. Duurzame groene maatregelen spelen daarin een cruciale rol. En vanuit die samenhang zullen alle gemeenten proberen de woningbouwproductie op gang te krijgen of te versnellen.

Duurzaam land

In de afgelopen periode is er nog te weinig van de afspraken uit het klimaatakkoord richting de uitvoering gebracht. Daarom doet Rutte IV er een flinke schep bovenop. Zo is het uitgangspunt dat in 2030 een CO2-reductie van 55% is bereikt. Maar omdat er twijfel is of we dat wel zullen halen wordt gestreefd naar 60%. En men kijkt ook verder vooruit en heeft de ambitie geformuleerd voor 70% CO2-reductie in 2035 en 80% in 2040. Daarmee wordt geprobeerd een toon te zetten dat het nu ook daadwerkelijk moet gaan gebeuren: tijd voor actie! En dat begint met een nieuwe minister speciaal voor Klimaat en Energie en middelen hiervoor die in het gemeentefonds beschikbaar worden gesteld.

Ook gaan we aan de slag met de “generatietoets”. Dat wil zeggen dat we bij elk nieuw voorgesteld beleid gaan afwegen wat dit betekent voor toekomstige generaties. Dus geen gewin op korte termijn, maar goede afwegingen op lange termijneffecten.

Kortom, er is veel werk aan de winkel! Meer woningen, meer infra, meer CO2-reductie! Maar wie moet dat allemaal gaan uitvoeren? Het tekort aan vakmensen is misschien wel de grootste uitdaging van deze tijd. Een aandachtspunt van dit kabinet is daarom ook dat het wil investeren in (technische) vakmensen. We ervaren waarschijnlijk allemaal de werkdruk die bij de verschillende gemeenten heerst. En als je bovenstaande werkzaamheden leest, zal dat dus ook niet minder worden. In het regeerakkoord wordt beschreven dat onderwijsinstellingen samen met overheden en sociale partners mensen willen bijscholen. Maar hoe ze dat willen gaan doen is nog niet uitgewerkt…

Ik Bender wel uit, laat ons maar “omzien naar elkaar en vooruitkijken naar de toekomst”!

Bender voor jou!

Wil jij ingezet worden op dynamische en uitdagende projecten binnen het ruimtelijk domein? Bij Bender geven wij jou de aandacht die jij verdient, in de vorm van een interessante baan, persoonlijk contact, opleidingen en een aantrekkelijke beloning. Interesse in wat wij te bieden hebben?

Werken in het ruimtelijk domein